Door: Petra van Driel
02-02-2004 - Voor het eerst organiseerde de VN een topconferentie over internet voor iedereen. Men werd het er over eens dat in 2015 50 procent van de wereldbevolking on-line zou moeten zijn. Alleen werden nog geen duidelijke afspraken gemaakt over de manier waarop dat moet gebeuren.
Afgevaardigden van zo'n 175 landen, bijeen in Genève, waren eensgezind over de noodzaak van internet voor de miljoenen wereldburgers die er nu nog geen gebruik van kunnen maken. Maar een pleidooi voor financiële steun aan technologie gerelateerde projecten bleef uit. Ook al was dat wel waar een aantal Afrikaanse landen om had gevraagd. Er zal slechts bekeken worden of het mogelijk is een fonds op te richten waardoor arme landen toch van nieuwe technologische ontwikkelingen kunnen profiteren.
De top zou er in ieder geval in geslaagd zijn wereldleiders te attenderen op het belang van nieuwe technologie als ontwikkelingshulpmiddel. En de informatie-maatschappij is nu een punt geworden op de internationale agenda.
In de toekomst zou internet meer toegepast moeten worden in bijvoorbeeld onderwijs en zorg. En het is zeker niet bedoeld als een extra controlemiddel voor overheden. Veel meer overeenstemming kwam er echter niet, en onderwerpen waarover men het nu niet eens kon worden, moeten maar wachten op de volgende bijeenkomst. Die zal in 2005 in Tunesië worden gehouden.
De lobby lijkt succesvoller te zijn geweest. Buiten de officiële toespraken om, werd gediscussieerd tussen zakenmensen en ontwikkelingswerkers en konden ideeën worden uitgewisseld. Volgens één van de afgevaardigden waren deze informele ontmoetingen tussen ontwikkelingsorganisaties en de zakenwereld belangrijker dan de politieke retoriek waarvan de lucht de afgelopen drie dagen zo vervuld was geweest.
Hoewel volgens sommige afgevaardigden verrijking van grote bedrijven misplaatst zou zijn wanneer het er om gaat de wereldbevolking aan het wereld wijde web te binden, lijken die bedrijven soms toch aardige initiatieven te ontplooien.
Zo heeft Microsoft in mei 2003 het Unlimited Potential-project gelanceerd. Vooral publieke instellingen die computer- en IT-trainingen aan burgers geven, krijgen hun steun. Tot nu toe investeerde Microsoft ruim 50 miljoen dollar in dit idee. In 45 landen waaronder Israël, Korea, Peru en Venezuela, wordt op deze manier geprobeerd het computer analfabetisme te bestrijden.
In San Francisco Bay heet het 'Street Tech'. Er worden trainingen verzorgd voor mensen met een laag inkomen en een beperkte technische kennis. "Hoe iemand technologie gebruikt is net zo belangrijk als het feit of iemand gebruik maakt van de technologie", zegt Paul Lamb van Street Tech. "Wij leren mensen niet alleen de basisvaardigheden om te overleven, maar ook professionele vaardigheden om werkzaam te kunnen zijn in een werkomgeving van de 21ste eeuw."
Dat die eeuw gedomineerd zal worden door computer en internetgebruik staat nu wel vast, maar van globale participatie is voorlopig nog geen sprake.
Bron: BBC on-line / WebWereld
Uit: BlinfoMail februari 2004
Website: BlinfoTec