Door: Rob Melchers
21-02-2006 - Toen ik in februari 2002 de schermuitlees software JAWS aanschafte, werd mij aangeraden om dit pakket te voorzien van een Nederlandse spraaksynthesizer. De keuze viel op Fluency, toen nog Fluent Dutch geheten. Ik heb er geen moment spijt van gehad. Fluency, dat gebruik maakt van de taalkennis van de firma van Dale, is een aanrader voor iedereen die veel teksten schrijft. Stabiel, responsief en zonder angst voor Engelse woorden.
Mijn eerste jaar als computergebruiker met een leeshandicap stond in het teken van ontdekken welke software bruikbaar was in samenwerking met deze hulpmiddelen. Dat resulteerde in vele installaties en even zo vele verwijderingen. Het zal je niet verbazen, dat na een jaar de computer aardig in de war was met zo'n besluiteloze eigenaar en in februari 2003 was een her-installatie dan ook noodzakelijk.
Van de plusminus 45 software pakketten die inmiddels goedkeuring hadden verkregen om op mijn harde schijf te ressorteren, had ik de installatiebestanden bewaard, evenals de bijbehorende registratiecodes. Her-installatie van deze programma's vormde dus geen probleem. Met nog vier sleutels op de floppy was JAWS ook weer snel aan de praat te krijgen. Alleen bij Fluency had ik geen registratiecode op floppy of CD ontvangen. Die code moest via de leverancier worden aangevraagd. Ik had de software via Alva betrokken en een e-mail aan deze firma was voldoende om een paar uur later ook Fluency te activeren. Drie jaar lang werkte deze configuratie naar wens.
Vorige maand begon het duidelijk te worden, dat het weer zover was. Als we in BlinfoTec of in Challenge-Media iets schrijven over software, dan willen we weten waar we het over hebben. Dat betekent installeren en verwijderen. En ook in computerland geldt: 'De kruik gaat zo lang te water tot ze barst'. Op 1 februari 2006 deed de installatie van een Nederlands stukje software, dat het luisteren naar internet radio beloofde te vergemakkelijken, de deur dicht. Het programma was volledig ontoegankelijk en sloopte en passant nog even de videochain. JAWS was niet meer aan de praat te krijgen, dus er zat niets anders op dan de computer opnieuw te installeren.
De volgende ochtend werd tijdens het ontbijt Windows op de schijf gezet, een paar ogen hielpen bij de invoer van de registratiecode en een uurtje later kon ik beginnen aan de installatie van de inmiddels 96 programma's en utilities die ik regelmatig gebruik. De volgende dag, het was vrijdag, werd gebruikt om de kast van de computer te openen en te ontdoen van stof. Je weet niet wat je ruikt, als je een computer drie jaar niet hebt uitgezogen. De koelings ventilatoren zaten onder een dikke laag prut en hadden ook behoefte aan een drupje naaimachine olie. Een schone computer mag ook best een stille computer zijn. Vrijdagavond stond er weer een muisstille computer onder mijn bureau te werken.
Het weekend werd gebruikt om de zes servers die op mijn systeem draaien weer in de lucht te brengen. Mijn IBM laptop had tot die tijd de honneurs waargenomen en begon het warm te krijgen. Maandagochtend was alles weer zoals het was voor de crash, behalve dat ene programma: Fluent Dutch.
Ik kan me wel iets voorstellen bij deze methode van registreren. Als ik een mooi stukje software in de verkoop zou willen doen, dan zou ik me ook rekenschap geven van de kopieervaardigheid van het Nederlandse volk en hun volledige gebrek aan respect voor andermans werk. Deze methode houdt echter één ding in: bij calamiteiten is snelle service geboden.
Omdat Alva is begraven onder haar eigen MPO grafsteen, besloot ik me direct te wenden tot de leverancier van Fluency, de firma RDGKompagne. Ik stuurde een e-mail met daarin het verzoek om een reparatiecode en sloot de gegevens zoals ik die destijds van Alva had ontvangen bij. Het mailtje ging dinsdagochtend om 9 uur de deur uit. Die dag kreeg ik geen antwoord.
De volgende dag draaide ik om 10 uur het telefoonnummer van Kompagne. Een antwoordapparaat vertelde dat 'alle medewerkers in gesprek waren'. Na een kwartier wachten besloot ik het later nog eens te proberen. Toen om twaalf uur men nog steeds 'in gesprek' was, stuurde ik een e-mail aan de makers van het Fluency pakket. Bijna onmiddellijk kreeg ik antwoord: men had het mailtje doorgestuurd aan Kompagne. En inderdaad, nog geen twee uur later was het antwoord daar:
"Geachte heer Melchers,
Aangezien u deze software destijds bij Alva heeft gekocht en dit bedrijf is overgenomen door Optelec, kunt u met hen contact opnemen voor deze reparatiecode.
Met vriendelijke groet,
RDGKompagne"
Blij met het feit, dat ze bij Kompagne tussen het telefoneren door nog tijd schijnen te vinden voor het beantwoorden van e-mails van hun klanten, componeerde ik meteen de volgende mail aan Optelec. Ik sloot mijn verzoek om de reparatiecode bij, alsmede de reactie van Kompagne. Het bericht werd donderdag laat in de namiddag verstuurd. Vrijdag hoorde ik niets.
Ook maandag wachtte ik tevergeefs op een antwoord. Misschien hebben ze het bij Optelec ook te druk met telefoneren? Als ze veel met Kompagne moeten bellen, kan ik dat begrijpen. Maar misschien vindt ook deze leverancier het niet zo belangrijk, dat een blinde schrijver zonder Nederlandse spraaksoftware zit.
Het is nu dinsdagochtend. De dinsdag na de dinsdag ervoor. Ik zal straks eens gaan bellen met Optelec. Wie weet nemen ze daar de telefoon wel op. Of misschien rolt in de loop van de dag mijn reparatiecode alsnog in de bus. Gelukkig heb ik in Azië geleerd geduld te hebben. Maar als we de integratie van blinden in de maatschappij serieus willen nemen, dan is zo'n ongevraagd weekje vakantie eigenlijk niet iets waar ik op zit te wachten.