Rubriek: Algemeen

Door: Rob Melchers

26-11-2005 - Als je al weet hoe alles heet en werkt op computergebied, dan kan je dit artikel overslaan. Het is bedoeld voor beginners en voor mensen, die door de terminologie de computerbomen niet meer van het computerbos kunnen onderscheiden.

Internet

Het internet is een wegennet, waarlangs digitale gegevens zich een weg zoeken van computer naar computer. Dit wegennet bestaat uit kabels en draadloze verbindingen, waaronder satellieten. Computers zijn aangesloten op het internet, zoals een treinstation aangesloten is op de rails.

Computers

Computers zijn allemaal hetzelfde. Ze krijgen verschillende namen omdat ze verschillende taken uitvoeren. Die taken worden bepaald door de software die op de computer draait. In de computer zit een moederbord met daarop de elektronica, waaronder de processor (de eigenlijke computer of rekeneenheid), één of meerdere harde schijven, een floppy station (die zie je steeds minder), één of meerdere optische stations (voor het lezen en schrijven van Cd's en DVD's) een netvoeding en ventilators, om de kast koel te houden.

Je praat met een computer door middel van een toetsenbord en een muis. De computer praat terug door middel van het beeldscherm, de leesregel of de spraaksynthesizer. Via een scanner kan je drukwerk de computer invoeren, via de printer geeft de computer drukwerk terug.

De Persoonlijke Computer

Een PC werkt met software waaronder een besturingssysteem, programma's en meestal gegevens, die met die software verkregen zijn. Dit kunnen gegevens zijn die men zelf heeft gemaakt (een Word document, een digitale tekening, etc.) en/of gegevens die men van buitenaf heeft verkregen (via een floppy, CD, DVD of het internet). Zowel software als gegevens zijn op de harde schijf in de computer opgeslagen. De harde schijf is wat anders dan het geheugen. Om met de software en de gegevens te kunnen werken worden deze vanaf de harde schijf in het (werk)geheugen geladen. Pas dan kan een computer er iets mee doen. De harde schijf kan miljarden enen en nullen opslaan. De opslagcapaciteit wordt uitgedrukt in GigaBytes. Het geheugen kan miljoenen enen en nullen onthouden en bewerken. De capaciteit van het geheugen wordt uitgedrukt in MegaBytes. Hoe groter het geheugen, hoe sneller de computer kan rekenen. Hoe groter de harde schijf, hoe meer gegevens er op kunnen worden bewaard. Enen en nullen noemen we ook wel data.

Servers

Het Wereld Wijde Web is een verzameling van computers die we (web)servers noemen. De software op deze computers is geschikt om de gegevens die op de harde schijf van de server staan, op verzoek van andere computers, ter beschikking van die verzoekende computer te stellen. Een PC kan dus om een document vragen dat op een server staat, mits beide computers zijn aangesloten op het internet. Zo'n verzoek haalt het document niet van de server af, het toont alleen een kopie van het bestand op de PC. Een (web)server kan worden vergeleken met een bibliotheek.

Cliënten

Een programma, dat door een PC wordt gebruikt om informatie van het WWW te kunnen bekijken noemen we een cliënt. Alle programma's die ergens om vragen van buitenaf noemen we cliënten. De bekendste cliënt om iets van het WWW te halen is InternetExplorer. Het door middel van InternetExplorer laten tonen van een document op een (web)server noemen we 'een website bezoeken', of wel 'surfen' op het web. 'Internetsites' bestaan niet, net zomin als 'railsstations'. Als men het over een internetsite heeft, bedoelt men een website.

Mail servers zijn computers met daarop software die automatisch post kan ontvangen en weer verzenden. Een mail server kan worden vergeleken met een postkantoor. Mail servers schrijven zelf geen berichten, ze genereren hooguit mededelingen, bijvoorbeeld als er iets mis gaat met de post bezorging.

Als twee mensen met elkaar communiceren via E-mail, dan maken ze gebruik van een programma dat berichten kan maken, versturen en ontvangen. De bekendste E-mail cliënt is OutlookExpress, die ook in de Outlook suite zit. Een software suite is een verzameling programma's die in het beste geval met elkaar kunnen samenwerken. MicrosoftOffice is een software suite.

Internet Service Provider (ISP)

Een ISP beheert meestal meerdere webservers en mailservers en fungeert als tussenstation tussen alle PC's die een abonnement op de ISP hebben en het internet. Ook beheert de ISP een klein stukje van de internet administratie, namelijk het deel dat iedere PC van een uniek nummer voorziet (het IP nummer). Als de webserver van de ISP uitstaat dan kan je niet surfen, als de mailserver uitstaat kan je geen e-mail versturen.

E-mail

Om een E-mail te versturen moet je het eerst maken, en dan versturen aan de ontvanger. Maar in werkelijkheid gaat je bericht eerst naar de mail server. Die stuurt het bericht door naar de ontvanger. Er bestaat dus geen direct contact tussen de computers van mensen die met elkaar mailen.

Je E-mail adres is een kostbaar bezit. Het is je post adres op het internet. Door onzorgvuldig met je E-mail adres, of dat van anderen, om te gaan kan het in handen komen van spammers, mensen die ongevraagd reclame of erger verzenden. Als je van plan bent, om een bericht aan meerdere adressen te versturen, verdiep je dan eerst terdege in de techniek hiervan. Juist het verkeerd gebruik van 'mail lijsten' is een bron van ellende.

Formulieren

Veel websites maken gebruik van formulieren. De meest voorkomende vorm van formulier gebruik is het E-mail formulier. Hiermee kan je, zonder tussenkomst van je eigen E-mail cliënt, een bericht versturen. Wie dit bericht ontvangt wordt bepaald door de maker van de website. Meestal word er gevraagd om je E-mail adres in te voeren. Denk goed na voor je dit doet. Om antwoord te kunnen krijgen moet de ontvanger uiteraard jouw E-mail adres weten, maar je kan je E-mail adres ook 'weggeven' aan mensen met niet zulke goede bedoelingen. Gebruik in twijfelgevallen liever je eigen E-mail cliënt.

Sommige formulieren vragen om gevoelige informatie, zoals bankgegevens, creditkaart nummers of vertrouwelijke gegevens, zoals medische- en persoonsgegevens. Als dit zich voordoet op een legitieme website, dan heb je al gemerkt, dat je in het zogenaamde 'veilige' gebied van het internet bent aangekomen. Gegevens die hier worden verzonden zijn in ieder geval niet door anderen (meekijkers) te lezen. De ontvanger krijgt ze uiteraard wel. Bepaal of je wilt, dat de ontvanger deze gegevens kan bekijken.

Als je een formulier op een website hebt ingevuld, dan geven de betere websites een bevestiging in de vorm van een nieuwe pagina die op het scherm verschijnt. Ook sturen sommige websites een bevestiging per E-mail. Die ontvang je dan weer met je E-mail cliënt. Dit hoeft echter niet altijd het geval te zijn. Soms kom je, nadat je op 'verzenden' hebt geklikt, weer gewoon op de pagina terecht waar je was gebleven voor je het bericht verstuurde. Je kan dan alleen maar hopen, dat het bericht is aangekomen. In zo'n geval heb je dan ook geen kopie van het bericht dat je hebt verstuurd.

Malware

Malware is een verzamelwoord voor software die je liever kwijt dan rijk bent. Hieronder vallen virussen, Trojaanse Paarden (Trojans) en Spyware.

Virussen zijn programma's die vaak via een bijlage in de (onverwachte) E-mail meekomen. Maar je kan ze natuurlijk ook via een floppy, CD of het internet binnenhalen. Om een computer te beschermen tegen de schadelijke werking van deze programma's is een Anti Virus Programma noodzakelijk op iedere computer. Zo'n programma heeft echter alleen nut, als het weet waar het op moet letten. Het moet dus regelmatig worden 'ge-updated'.

Trojaanse Paarden zijn programma's die zelf meestal geen schade aanrichten, maar een computer openstellen voor gevaar van buitenaf. Ze zetten als het ware de deur open zonder dat je het weet. Zodra een computer op het internet is aangesloten kunnen de booswichten die daar rondreizen dus makkelijk toegang krijgen tot een computer. Daarom moet iedere computer zijn uitgerust met een 'Firewall', een bewaker, die ook als de deur open zou staan een oogje in het zeil houdt. Een goede Firewall houdt niet alleen in de gaten wie of wat er binnenkomt, hij besluit ook of de computer zelf iets mag gaan ondernemen op het internet.

On-line informatie

Toen het internet nog niet bestond, of liever gezegd, toen het nog niet door iedereen gebruikt mocht worden, werden computers voornamelijk gebruikt als tekstverwerkers en knappe rekenmachines. Ook kon je er spelletjes op spelen. Toen rond 1990 het internet werd vrijgegeven veranderde het gebruik van computers. Naast de informatie op de eigen harde schijf kwam de informatie van anderen onder bereik. Daarom praten we tegenwoordig over Informatie Technologie (IT). Het toenemende aantal webservers (web-bibliotheken ofwel websites) zorgt ervoor, dat we steeds meer informatie tot onze beschikking hebben. Ook zijn sommige websites ertoe overgegaan om naast tekstuele- en beeldinformatie spelletjes aan te bieden. Op andere websites kan je gokken. Dit noemen we on-line activiteiten.

Zoekmachines

Sommige webservers maken er hun werk van, om niet zelf iets aan te bieden, maar om een inventarisatie te maken van wat er zoal te vinden is op het Wereld Wijde Web. Deze dienstverleners noemen we zoekmachines. Kort door de bocht weet een zoekmachine welke woorden er op welke documenten staan die op het WWW beschikbaar zijn. De bekendste zoekmachine is Google. Door bijvoorbeeld het woord 'computer' in te voeren geeft Google een opsomming van alle pagina's ter wereld die dat woord bevatten. Om dus relevant te zoeken is de keuze van de zoekwoorden nogal belangrijk. Hoe meer zoekwoorden je invoert, hoe groter de kans, dat je vindt wat je zoekt.

Communicatie

Vanaf het prille begin van het internet werd het gebruikt voor communicatie. Daarom spreken we ook wel van Informatie en Communicatie Technologie (ICT). In het begin werd er gecommuniceerd via e-mail, maar er werden ook bestanden uitgewisseld. Om computers met elkaar te kunnen laten praten werden er verschillende talen ontwikkeld die protocollen heten. Zo ontvang je e-mail met het Post Office Protocol (POP) en verstuur je e-mail met het Small Message Transfer Protocol (SMTP). Voor grotere bestanden gebruiken we het File Transfer Protocol (FTP). Het Wereld Wijde Web maakt gebruik van het Internet Protocol (IP) en sinds kort is er het Voice over Internet Protocol (VoIP). Dat laatste protocol wordt bijvoorbeeld gebruikt door Skype, een programma waarmee internet telefonie mogelijk wordt. Al wat langer is chatten populair. Chatten is het versturen van tekstberichten aan een selecte groep 'vrienden' die direct ontvangen worden op de computers van de vriendenkring. Omdat de meest in gebruik zijnde software voor chatten gemaakt is door Windows fabrikant Microsoft, en MSN heet, is de term 'MSN-en' ingeburgerd.

Tenslotte

Computers en internet hebben zo'n vijftien jaar geleden hun intrede gedaan in het leven van alledag. Het is dus een heel jonge techniek. Bij nieuwe technieken zijn er altijd een aantal mensen die graag 'onder de motorkap' willen kijken. Dat resulteert in technische discussies en veel afkortingen. Naarmate de computer steeds meer een gebruiksvoorwerp gaat worden zal de interesse voor de achterliggende techniek afnemen. Kennis van het gebruik van computers zal gemeengoed worden. In het begin van het radio tijdperk moest je weten wat een OV1 was en waar een 402 van Amroh voor gebruikt werd. Nu is kennis van de aan/uit knop voldoende. In 2015 staat er in ieder huis tenminste één computer en hebben alle kinderen een Personal Digital Assistant (PDA) in hun schooltas. En niemand weet nog wat een harde schijf is.

Dit artikel kwam tot stand naar aanleiding van vragen die regelmatig bij de BlinfoMail redactie binnenkomen. Het is uiteraard niet volledig. Voor meer informatie kan je op onderstaande links klikken:

www.blinfotec.org/inhoud.html
www.blindsurfer.be
www.vgmd.nl
Gratis AntiVirus Software
Sygate Personal Firewall



Kies een ander artikelKies een andere rubriek