Vervoersbeperking schendt rechten van de mens

Duizenden mensen met een handicap kunnen sinds 1 april 2004 niet meer gaan en staan waar ze willen. Gehandicapten hebben een vervoersbeperking opgelegd gekregen door de overheid en zitten noodgedwongen thuis. Dit is in strijd met de mensenrechten, stelt de President van de rechtbank in Den Haag vast in een Kort Geding vonnis op 9 juli 2004. Toch onderneemt de rechter geen stappen tegen de staat. De gevolgen van het ongedaan maken van de vervoersbeperking zijn voor hem niet te overzien. De belangen van de overheid wegen zwaarder dan de belangen van gehandicapten. Onacceptabel vinden de gehandicaptenorganisaties en ze gaan in Hoger Beroep.

Iedereen in Nederland kan reizen. De Nederlandse overheid trekt jaarlijks miljarden uit voor onderhoud van (snel)-wegen en subsidies aan openbaar vervoersbedrijven om in ieders mobiliteitsbehoefte te voorzien. Alleen voor mensen met een handicap ligt dit anders. Het openbaar vervoer is voor velen ontoegankelijk en het besturen van een auto is vaak onmogelijk. Gehandicapten kunnen daardoor in mindere mate deelnemen aan het dagelijks leven dan mensen zonder handicap.
Een onwenselijke situatie vindt ook de overheid. Het beleid is er op gericht om voorwaarden te scheppen voor een optimale participatie van gehandicapten.

2030: alle treinen toegankelijk

Om de mobiliteit van gehandicapten te vergroten streeft de overheid er naar om de toegankelijkheid van het openbaar vervoer te verbeteren: het stads-en streekvervoer moet per 2010 toegankelijk zijn en de treinen per 2030. Ter compensatie van de beperkte toegankelijkheid van het OV heeft de overheid in de loop der tijd verschillende regelingen getroffen ter bevordering van de (bovenregionale) mobiliteit van gehandicapten. In april 2004 gaat de staat in zee met Transvision. Die voert het nieuwe vervoerssysteem Valys in. Gehandicapten krijgen een persoonlijk kilometerbudget van 450 kilometer per aangepaste taxi per jaar. Mensen die door hun handicap niet met de trein kunnen reizen en geen vervoersalternatief hebben, krijgen 900 kilometer per jaar. De 450 kilometers zijn bedoeld als aanvulling op het openbaar vervoer. De 900 kilometer komt in plaats van het reizen met het openbaar vervoer. Gehandicapten betalen hiervoor € 0,16 per kilometer. Als ze meer willen reizen, betalen ze € 1,25 per kilometer.

Deze maatregel betekent concreet dat mensen met een handicap nauwelijks meer buiten hun regio kunnen reizen. Kinderen met een beperking die in gezinsvervangende huizen wonen, kunnen in het weekeinde niet naar hun ouders. Mensen die door hun zware handicap onmogelijk met de trein kunnen reizen, kunnen geen familie meer bezoeken. Gehandicapten die ver van een station wonen waar assistentieverlening is (107 van de 371 NS-stations) zijn snel door hun kilometerbudget heen. In Friesland bijvoorbeeld wordt alleen op de stations van Leeuwarden en Heerenveen assistentie verleend aan rolstoelgebruikers.

Niet door de beugel

De kilometerlimieten zijn een vervoersbeperking en volgens gehandicaptenorganisaties in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De rechter zegt in de uitspraak van het Kort Geding dat de toegepaste maximering niet door de beugel kan. Ook de landsadvocaat moet het inhoudelijk antwoord schuldig blijven op de vraag hoe het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de grenzen en de verhouding van 450/900 kilometer komt. De rechter vindt dat limieten in bepaalde gevallen wel te rechtvaardigen zijn, maar niet bij ‘onverkorte toepassing van de limieten in bepaalde gevallen’. Hij is van mening dat dat onrechtmatig is. Hij stelt vast dat voor de zeven particuliere mede-eisers de nieuwe regeling onredelijk hard uitpakt, maar hij grijpt niet in. De schending van de grondrechten van betrokkenen wordt in stand gelaten. De gevolgen van het afschaffen van de kilometerlimiet zijn voor de rechter niet te overzien. Ook rechten van derden (vervoerders die ook het vervoer wilden regelen) zijn daarbij betrokken.
De rechter weegt de belangen van de staat om Valys in stand te houden af tegenover de belangen van de getroffen gehandicapten die uiteraard gediend zijn bij een beëindiging van de schendig van fundamentele rechten. Dit is uitermate teleurstellend. Waarom wordt de overheid de hand boven het hoofd gehouden?
Waarom moeten de belangen van gehandicapten wijken voor de belangen van de overheid? Dat de rechter de staat op deze wijze laat weg komen is onaanvaardbaar.
De benadering van de rechter getuigt van een miskenning van de taken die in ons staatsbestel op de schouders van de rechterlijke macht – en ook op die van de kort geding rechter – rusten.

Jan Troost, voorzitter van de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland en Alie Brittijn, directeur van het Regionaal Patiënten Consumenten Platform Rijnmond.

Bron:
CG-Raad

 

Reacties

Geen reacties tot nu toe.
 

Over Challenge-Media

Challenge-Media: Een kritische kijk op nieuws voor mensen met een functiebeperking.

Onbeperkt informatief: Omdat een handicap onze blik op nieuws niet vertroebelt.