Het web en de wet

Julie Howell is de ‘Digital Policy Development Officer’ voor het ‘UK Royal National Institute of the Blind’ (RNIB). Onlangs vroeg journalist Nigel Peck haar naar ontwikkelingen op het gebied van webtoegankelijkheid in Engeland. Hieronder een vertaling.

Nigel: Julie, wat staat ons te wachten in oktober 2004, als verdere wetgeving op het gebied van webtoegankelijkheid tot stand komt in het kader van de ‘Disability
Discrimination Act’ (D D A)?

Julie: Het gedeelte van de D D A dat gaat over webtoegankelijkheid werd actief in oktober 1999. De veranderingen die in oktober 2004 gaan plaatsvinden hebben
geen betrekking op dit gedeelte. Daar veranderd dus niets aan.

Nigel: Heeft de D D A intussen invloed gehad op de manier waarop het web toegankelijk is voor mensen met een handicap?

Julie: De D D A heeft zeker een grotere bewustwording van webtoegankelijkheid tot stand gebracht, maar het zou verkeerd zijn om bewustwording te vergelijken
met toepassing. Terwijl de kennis toeneemt, blijven de verbeteringen nog achter.
Denk er echter aan, dat het web voor veel bedrijven een nieuw medium is, en dat deze wet nog maar net bestaat. Het RNIB en haar agentschappen maken zich
sterk voor voorlichting en hulp bij het ontwerpen van een toegankelijk web. Ik verwacht dat over twee jaar duidelijke resultaten merkbaar zullen worden.

Nigel: Zou het niet beter zijn, als de wet het web met name zou noemen?

Julie: Wetten zijn nooit zo specifiek. Maar de ‘Disability Rights Commission’, die de wet begeleidt, noemt ‘diensten, geleverd via het web’ als vallend
onder de wet, en geeft daarbij het voorbeeld van on-line vliegticket bestellingen. Het leidt dus geen twijfel, dat dienstverlening via het web onder deze
wet valt.

Nigel: Is er al iets bekend over rechtzaken aangaande webtoegankelijkheid?

Julie: Het RNIB was vorig jaar betrokken bij twee zaken. Die hadden in juli 2003 tot gevolg, dat afspraken gemaakt zijn tussen partijen. Zowel het RNIB
als de betrokken partijen zijn tevreden over de uitkomst van deze zaken. Het RNIB zal doorgaan met het vervolgen van overtreders in de naam van blinden
en slechtzienden, en de hulp van de rechtbank inroepen, als er op een andere manier geen oplossing wordt gevonden. Op dit moment zijn er zaken in voorbereiding,
waarover ik nu nog niets kan zeggen.

Nigel: Zijn grotere bedrijven bezig hun websites toegankelijker te maken? Wat is jouw ervaring daarmee?

Julie: Afwisselend. Als de dialoog begint is er vaak sprake van misverstanden over wat toegankelijkheid nu eigenlijk betekent, en hoe een website toegankelijk
kan worden gemaakt. Vaak denkt men, dat er een ‘tekst only’ site moet komen, en dat ontoegankelijke gedeelten van de site moeten verdwijnen. Dat is natuurlijk
niet waar. Nadat het RNIB-team de zakelijke voordelen van een toegankelijke website heeft uitgelegd, en een strategie heeft ontvouwd, staan bedrijven meestal
veel positiever tegenover de op handen zijnde klus. Immers, toegankelijkheid gaat over de uitbreiding van de klantenkring, iets waar bedrijven meestal
geen moeite mee hebben.

Nigel: Als je voor een groot bedrijf zou werken, hoe zou je dan webtoegankelijkheid uitleggen aan je baas?

Julie: Toegankelijkheid staat aan de basis van uitbreiding van onze dienstverlening.
Toegankelijkheid verbetert de inter-operabiliteit.
Toegankelijkheid is een demonstratie van sociale betrokkenheid.
Als onze concurrentie toegankelijk is, en wij niet, zullen we klanten verliezen.
Er zijn meer dan 8 miljoen mensen in de UK die tezamen £45 miljard per jaar te besteden hebben.
Toegankelijk website-ontwerp bevordert een aangename ervaring voor iedereen, de pagina’s staan sneller op het scherm en meer technologieën worden ondersteund.
Ontoegankelijke sites zijn straks wettelijk in overtreding.
Het RNIB werkt samen met bedrijven door middel van positieve berichtgeving en evenementen.
Als onze website ontoegankelijk is, sluiten we misschien toekomstige werknemers buiten, hetgeen een wetsovertreding is.
Toegankelijkheid gaat niet over het beperken van creativiteit. Werken volgens regels die een maximum aan bereik beogen is eigenlijk een heel creatief proces.

Nigel: Ten slotte, hoe denken mensen met een leeshandicap over het internet?

Julie: De blinden en slechtzienden die ik heb gesproken over het internet zijn veelal razend enthousiast over het internet en het web in het bijzonder.
Velen vinden het een opluchting om eens te kunnen winkelen zonder de hulp van een ziende, of boeken en kranten zelfstandig te kunnen lezen. Het vermogen
om het spoorboekje on-line te kunnen raadplegen geeft de blinde manager de kans zijn eigen reis te kunnen plannen om bij de volgende vergadering aanwezig
te zijn.

Jammer genoeg zijn er nog veel ontoegankelijke websites, wat als zeer frustrerend wordt ervaren door de meerderheid van de leesgehandicapten.

Bron:
http://www.bcab.org.uk/

Redactie BlinfoMail:
In Amerika bestaat de ‘American Disability Act’, waarvan artikel 508 de toegankelijkheid van overheids-websites verplicht stelt.

Bron:
BlinfoMail november 2003

 

Reacties

Geen reacties tot nu toe.
 

Over Challenge-Media

Challenge-Media: Een kritische kijk op nieuws voor mensen met een functiebeperking.

Onbeperkt informatief: Omdat een handicap onze blik op nieuws niet vertroebelt.